Trouwen in 2018 wordt anders

Trouwen in 2018 wordt anders

Niet meer: 'wat van jou is, is van mij'. Je trouwt dan in beperkte gemeenschap van goederen. 


- Lees verder onder deze advertentie -

Geschreven door Kees Boonstra

Vanaf 1 januari verandert de wet die regelt hoe wij met elkaar trouwen of een geregistreerd partnerschap (hierna beiden ‘huwelijk’) aangaan. Een wet die met een ruime meerderheid door de Tweede Kamer ging maar in de Eerste Kamer maar net aan de meerderheid kreeg. Dat is ook heel goed te begrijpen, gezien de haken en ogen in het huwelijksvermogensrecht.

Beperkte gemeenschap van goederen

Als u in 2017 trouwt of een geregistreerd partnerschap aangaat ontstaat er vanzelf een gemeenschap van goederen: de bezittingen en schulden worden gezamenlijk, tenzij u van tevoren door de notaris huwelijkse of partnerschapsvoorwaarden laat opmaken. In 2018 gaat dat veranderen. Er ontstaat dan vanzelf een beperkte gemeenschap van goederen. Daarbij blijft al hetgeen de partners vóór hun huwelijk aan bezittingen of schulden hebben privé. Ook bijvoorbeeld studieschulden. Ook in de toekomst ontvangen schenkingen of erfenissen blijven privé. Echter, vanaf de huwelijksdatum ontstaat er een beperkte gemeenschap van goederen over het vanaf dan verdiende of gespaarde vermogen, aankopen en aangegane schulden.

Waarom was de Eerste Kamer terughoudend? 

Nederland past zich als een van de laatste landen in Europa aan om de automatische gemeenschap van goederen te laten vallen. Waarom dan toch de terughoudendheid in de Eerste Kamer? Er is een groot risico van vermenging van vermogens doordat er drie soorten van ontstaan in een huwelijk. De nieuwe wet in combinatie met allerlei belastingregels over bijvoorbeeld de hypotheek, het vermogen in de verschillende boxen, regels over financieringen en de aflossing daarvan gaat hierbij tot heel veel onduidelijkheid leiden.

Ingewikkelde zaken

Een voorbeeld: twee gehuwden kopen een eigen woning. Een partner brengt uit haar vermogen € 25.000 in, de andere heeft geen eigen middelen. De eigendomsverhouding van de woning wordt dan niet 50/50 maar bijvoorbeeld 60/40. De hypotheekschuld wordt vervolgens afgelost uit het gezamenlijke vermogen en de woning stijgt in waarde. Bij een toekomstige verkoop mag er dan een rekenwonder worden ingehuurd om te bepalen welke verdelingen gehanteerd moeten worden. Dit is nog slechts een voorbeeld van hoe ingewikkeld het kan worden, en dan heb ik het nog niet over zaken als een eigen onderneming of een nalatenschap die gezamenlijk werd opgemaakt waarna men gaat scheiden.

Sceptisch met goede reden

Samengevat dwingt de nieuwe wet huwende partijen om een forse boekhouding bij te gaan houden. Wanneer dat niet gebeurt is er in het geval van scheiding zoveel onduidelijkheid dat een rechter zal uitgaan van een algemene gemeenschap van goederen, zoals dit ook vaak gebeurt bij partners met huwelijkse voorwaarden die geen jaarlijkse verrekening maakten.

 

Kortom, de heersende scepsis heeft een goede reden. Men wordt als toekomstig echtgenoot of partner onwillekeurig opgescheept met een jaarlijks terugkerende boekhouding. De nieuwe wet maakt het min of meer noodzakelijk om advies in te winnen bij een financieel planner alvorens in de huwelijksboot te stappen. Want met structuur, creativiteit en inventiviteit kunnen dit soort zaken alsnog goed geregeld worden om in de toekomst de zaken helder voor ogen te houden.

 

Door: Kees Boonstra FFP CFP©, onafhankelijk financieel planner te Sassenheim
Financieel Adviesbureau Boonstra Sassenheim. 0252-223405 of www.faboonstra.nl     


Reacties